Garnalen

Aeolicus strigatus Blue / Blauwe Garnaal.

Herkomst Azië
Wordt maximaal 2,5 tot 3 cm groot
Temperatuur 18-28 graden
pH: 6 tot 7.5

Leuke blauwe garnalen, makkelijk te kweken.
Niet houden met grote vis soorten.


Aeolicus strigatus Red-Tailed / Roodstaart Garnaal.

Herkomst Azië
Wordt maximaal 2,5 tot 3 cm groot
Temperatuur 14-20 graden
pH: 6 tot 7

De Roodstaart Garnaal is een kleurloze garnaal met donkere stippen, zoals sommige wildvormen van de nauwverwante Caridina cantonensis. Sommige dieren hebben een licht oranje staart en antennen.
Ze leven in China twee beken waar ze in grote aantallen vooral onder bladeren te vinden zijn. Het water is helder met een temperatuur van ongeveer 12-16 graden en een pH van 6,0 / 6.5
Deze soort lijkt sterk op Caridina serrata en C. cantonensis en moet dus ook tot de serrata-groep worden gerekend.
Minimale aquarium inhoud van 20 liter


Aeolicus strigatus Zebra / Zebra Garnaal.

Herkomst Azië
Wordt maximaal 2.5 cm groot
Temperatuur 16-30 graden
pH: 6 tot 7.5

Honingkleurig tot doorzichtig lichaam met over de rug vaak 7 rechte verticale strepen. Ook andere kleuren komen voor.
Gedurende het opgroeien van het jong komen de strepen en veranderen ze van kleur.
De vrouwtjes zijn voller en robuuster. De mannen zijn doorzichtig van kleur met strepen en de vrouwtjes honing/bruinkleurig
Deze variant schijnt wat moeilijker op gang te komen met voortplanten dan de andere varianten.
Minimale aquarium inhoud van 20 liter gewenst


Atya Gabonensis / Waaierhand garnaal.

Herkomst: Cameroun – Gabon (West – Afrika)

Deze garnaal kan doorgroeien tot 15 cm.
De kleur kan varieren van creme tot blauw en als de garnalen ouder worden kan de kleur nog veranderen.
Mannen hebben dikkere voorpoten dan de vrouwtjes, ze worden ongeveer 6 jaar oud.

Vredelievend en erg vriendelijk tegenover medebewoners in het aquarium. Wel schuwe beestjes. Ze doen vissen en garnalen niks aangezien ze geen klauwen hebben en blijven ook van de planten af. Een prachtige garnaal voor de liefhebber, maar hou er rekening mee dat hij zeer schuw is en zich niet veel zal laten zien.

Kunnen in een aquarium vanaf 60 cm. Zorg voor voldoende schuilplekken omdat het een shuw dier is. Als ze zich veilig voelen zijn ze vaker te zien bij de uitstroom van het filter.
Temperatuur 20-28ºC en een zuurtegraad variërend van zuur tot basisch. De hardheid van water loopt ver uiteen.

Medebewoners: Vissen en garnalen.


Atyopsis Moluccensis / waaierhand rotsgarnaal.

herkomst: Molukken, Azië
Grootte: 8 cm vrouw 10 cm man
temperatuur: 20-25 graden
ph: 6-7.5
Waaierhandgarnalen worden vaak groter dan dwerggarnalen, die we wat vaker in aquaria vaak zien, zo ook de Aziatische. .
Deze garnaal is zeer vriendelijk tegen andere dieren.
Met de waaierhandjes filteren ze voedsel uit het water of schrapen het van oppervlakken.
De voorste twee paar poten zijn zoals altijd van scharen voorzien, en bij waaierhandgarnalen zitten er dan haren aan, zodat de scharen (de waaiers dus) gebruikt kunnen worden om voedsel uit het water te filteren.
Deze waaiers kunnen ook worden dichtgeklapt.
Achter deze poten zitten ook nog drie paar looppoten.
Op basis van het voorste paar hiervan doet men meestal het geslachtsonderscheid, daar deze bij de man veel dikker zijn dan bij de vrouw.
De kleur varieert erg, deze kan knaloranje zijn (vooral mannetjes), roodbruin, geelbruin, chocoladebruin, olijfgroen en alle tinten hiertussen.
De kleur kan veranderen bij een vervelling, en wordt ook minder intens naar de volgende vervelling toe.
Vlak na de vervelling zijn ze meestal het felst gekleurd.
Deze dieren stellen erg prijs op soortgenoten en zitten vaak bij elkaar.
het is raadzaam om er minimaal vier te houden.
Soms kruipen ze door de bak op zoek naar voedsel, soms zitten ze op een goede plek in de stroming.
Het waaieren is een bijzonder gezicht; zit er iets in een waaier, dan schiet deze de mond in en komt er schoon weer uit.
Om te kweken zijn er verschillende mogelijkheden, men vangt de jongen uit de “bevalbak” en doet deze in een brakwateraquarium, of men vangt de moeder eruit en maakt het aquarium dan brak.
Deze kweek is lastig, en tot nu toe nog maar een enkele keer door hobbyisten gelukt, het zoutgehalte zou moeten liggen op 33 gr/l en de temperatuur op 27 °C.

De jongen zijn in het begin nog larven, die men kan voeren met bijvoorbeeld Liquizell, en zodra het herkenbare garnalen zijn kan men ze overzetten naar zoet – wennen aan het nieuwe water is niet nodig.


Cambarellus / Oranje Patszguaro dwergkreeft.

grootte:5 cm
ph:6,5-8,5
temperatuur: 12-26 graden

Deze kreeftjes kunnen wel bij garnalen en vissen gehouden worden, maar worden regelmatig betrapt op het vangen van een garnaal of visje.
Of het dan gaat om verzwakte dieren gaat is niet bekend.
Andere kreeftensoorten gaan niet goed samen met deze soort.
voeren:
ze eten dood plantmateriaal, speciaal voer voor kreeften, met mate levend/diepvriesvoer.
Wanneer er niet genoeg calcium voorhanden is krijgen de dieren moeite met verschalen.
Zorg voor planten die calcium bevatten (bijv. waterpest).
Oude verschalingen laten liggen.
kweek:
Als de eitjes bevrucht zijn is dit duidelijk, ze zijn dan namelijk donker grijs/ zwart. Onbevruchte eitjes zijn oranje.
De ouders hoeven niet uit het aquarium gehaald te worden als er geen natuurlijke vijanden zijn, en wanneer er genoeg schuilplaatsen zijn voor de jongen.
Wil je de dame toch apart zetten, doe dit dan zo snel mogelijk zodra ze eitjes draagt in verband met vroegtijdig loslaten.
Mogelijk eet de moeder de eigen jongen op net voordat ze losgelaten worden door honger.
geef het vrouwtje voedsel direct voor haar schuilplaats.
Sommige vrouwtjes komen namelijk niet of nauwelijk het holletje uit.


Caridina Black and White bee / zwart-wit bijengarnaal.

max.grootte: 3 cm.
temperatuur: 12-28 graden
ph: 6.5-7.5
De Caridina Black and White bee vrouwtjes zijn voller en robuuster.
De mannen zijn kleiner.
Het achterlijf van de garnaal is zwart met witte strepen en de kop, poten en staart zijn oranje.
De intensiteit van de kleuren zijn afhankelijk van de waterwaardes en het voer
De jongen worden met de strepen op het lijf geboren, weliswaar wat bleker.
Na ongeveer 1 week zijn ze al echt zwart-wit.
Bij het ouder worden, verdwijnt helaas veel van het wit.


Caridina cf. breviata / Hommel garnaal.

Herkomst Azië
Wordt maximaal 2,5 tot 3 cm groot
Temperatuur 18-28 graden
pH: 6 tot 7.5

Honingkleurig/witachtig lichaam met 3 bruin/zwarte banden.
De honingkleurige vlakken kunnen ook wit zijn en worden soms intensiever van kleur bij vrouwtjes die eieren hebben.
Als alle omstandigheden goed zijn kweekt deze soort heel makkelijk en iedere 5 weken.
Echter in Nederland zijn er maar weinig mensen die ze echt met succes doorlopend kunnen kweken.
Het geslachtsonderscheid zie je doordat de vrouwtjes voller en robuster zijn.
Ook zijn ze intenser van kleur als ze eierdragend zijn.
Het is mogelijk om deze garnalen met andere garnalensoorten te houden (let op kruisen) en eventueel met kleine vissoorten als micro-rasbora en dwergkilli’s.


Caridina cf. cantonensis / Crystal Red.

max grootte: 2,5 cm
temperatuur: 20-26
ph: 6-8

Omdat crystal red dwerggarnaaltjes over het algemeen ongeveer 2,5cm groot worden, is een aquarium met een inhoud van 12 liter reeds voldoende voor een goede leef- en kweekomgeving.
Het is aan te raden om geen kleinere aquariums te gebruiken.
Grotere aquariums zijn beduidend beter als men naar de stabiele waterverhoudingen kijkt en ook zijn ze beduidend makkelijker in onderhoud vergeleken met een kleine 12 liter aquarium.
Een aquarium van rond 50/60 liter is bijvoorbeeld vrij ideaal.
Crystal Reds zijn echte groepsdiertjes en hebben dus behoefte aan gezelschap.
Het is aan te bevelen om deze diertjes in groepjes van minimaal 10 te houden.
voeren:
droogvoer, algen en micro-organismen, diepvriesvoer, gedroogde bladeren van beuk of eik,(gekookte) groenten .
kweek:
De Crystal Red voelt zich het meest op zijn gemak bij temperaturen van 20° C tot 26° C. Een lichte temperatuurschommeling tussen dag en nacht schijnt zelfs de natuurlijke bioritme van de garnaaltjes positief te beïnvloeden. Dit draagt bij aan een snellere voortplanting dan welke zichtbaar is bij constante temperaturen


Caridina cf. cantonensis Tiger blue/ Blauwe tijgergarnalen.

Grootte: 2,5-3 cm
temperatuur: 18-24 graden
ph: 6,5-8
De prachtig blauwe tijgergarnalen zijn zeer populair bij hobbyisten.
Met hun zwarte strepen op hun lichaam en oranje ogen zijn ze een blikvanger in ieder aquarium is de ook een kleurvariant van de gewone tijgergarnaal.
Tijgergarnalen zijn er in veel kleurslagen en dus ook gradaties.
Doorgaans kun je stellen,hoe dieper en donkerder gekleurd de tijgergarnalen zijn hoe hoger de gradatie.
Ze is makkelijk te houden en wordt zo`n 2,5 tot 3 cm groot en verblijven graag in een gezelschap aquarium waarvan het water tussen de 18 en 24 gr C is.
Zij wonen daar graag zonder al te grote of agressieve vissen.
Het voer kan bestaan uit algen, droog en levend voer, ook eten zij graag al het organische afval in het aquarium op.


Caridina CF. Propinqua Golden Sunset / Golden Sunset garnaal.

De Golden Sunset garnaal is een kleine tot middelgrootte Caridina met oranje lichaamskleur die ze door stemming en veranderde waterwaarden kunnen verliezen.
Leeft van nature in zoet- tot brakwater mangrovebossen en riviermondingen.
Er worden ook exemplaren in volledig zoetwater gevonden.
Sinds kort is deze soort herbenoemd als Caridina thambipillaii var. Orange maar werd voorheen als Caridina cf. propinqua aangeduid.

Voor de opkweek van de larven is brakwater nodig, maar het zoutgehalte hoeft waarschijnlijk niet zo hoog te zijn.
Het is een alleseter, maar eet ook speciale tabletten voor kreeften of garnalen en gezonken vlokvoer.

Man: tot 2.5 cm; vrouw: 3 cm. Soms ook iets groter.
Temperatuur 18-28 graden


Caridina CF. Propinqua Orange / Mandarijngarnaal.

De sunkist of mandarijn garnaal is een kleine tot middelgrootte Caridina met oranje lichaamskleur die ze door stemming en veranderde waterwaarden kunnen verliezen.
Leeft van nature in zoet- tot brakwater mangrovebossen en riviermondingen.
Er worden ook exemplaren in volledig zoetwater gevonden.
Sinds kort is deze soort herbenoemd als Caridina thambipillaii var. Orange maar werd voorheen als Caridina cf. propinqua aangeduid.

Voor de opkweek van de larven is brakwater nodig, maar het zoutgehalte hoeft waarschijnlijk niet zo hoog te zijn.
Het is een alleseter, maar eet ook speciale tabletten voor kreeften of garnalen en gezonken vlokvoer.

Man: tot 2.5 cm; vrouw: 3 cm. Soms ook iets groter.
Temperatuur 18-28 graden